Om 16.30 uur komen dr. Bogerd, dr. Kerst en dr.Schulte. dr. Kerst doet het woord. Hij was geschrokken van de slechte conditie van Nienke. Toch hebben ze haar een chemokuur gegeven.
Hij zegt tegen Nienke:
Jij was in slechte conditie
jij ging helemaal onderuit na een 1e milde chemokuur.
jij kunt niet - zoals anderen die oor een chemokuur komen- fluitend op de fiets hierheen komen.
jij hebt 10 dokters bezorgd om je gemaakt
Nienke zegt bedremmeld: ja, maar ik heb toch mijn best gedaan?
dr. Kerst: het vervolg van de chemokuur is (voorlopig?) van de baan.
Ik ben boos over de manier waarop dr. Kerst dit tegen Nienke heeft gezegd. Alsof ze het zelf veroorzaakt heeft. Ik zeg nog: maar u heeft toch tevoren bloedonderzoek gedaan en besloten haar die chemokuur te geven?
Ik wil een gesprek met hem. Maar hij vindt dat hij niet zonder Nienke met mij kan praten.
Ik bel Hans en die heeft telefonisch even een gesprek met Kerst.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten